'Een sprakelend Sinterklaasverhaal met vrolijke Illustraties!' – Mylo Freeman, auteur van Prinses Arabella. …………………………………………………………… 'Dankjewel voor dit schitterende mijlpaal. Een schreeuw naar saamhorigheid en respect.' – Voorleesambassadeur Gerda Havertong. ………………………. 'Veranderingen beginnen in kleine stappen. En Langarika's boek is een dappere stap richting een toekomst waar iedereen zich in kan herkennen.' – Vamba Sherif, Liberiaans-Nederlandse schrijver

HIJ KOMT, HIJ KOMT

Posted on November 20th, 2014

‘Wie heeft een nieuw liedje geoefend?,’ vraagt de juf aan de groep van drie kinderen en hun ouders. Het is onze maandelijkse gezamenlijke pianoles. De vrijdag voordat HIJ komt. Ouders en kinderen zitten op een zacht tapijt. De verwarming staat aan. We oefenen elk liedje eerst zingend en met de handen voordat de kinderen naar de piano gaan.

 

‘Ik,’ roept een jongen die ouder is dan Lara.

 

‘Zwarte Piet, wiedewiedewit…’ begint hij te zingen.

 

Nadat hij klaar is, moeten we allemaal zingen en onze handen bewegen.

 

Ik blijf ineens stil. Lara speelt met de draadjes van het tapijt.

De juf legt me uit dat het als ouder belangrijk is om voor te doen. Anders doet je kind niet mee.

 

Ik krijg het warm.

 

‘Niet bij dit liedje,’ zeg ik met mijn handen. Ze snapt niet zo goed wat ik bedoel. De andere ouders kijken naar mij. Ze gaan door.

 

Het is vrijdagmiddag en HIJ komt zondag al in Amsterdam aan. Ik wil op alles voorbereid zijn.

 

‘s Avonds avond als Lara slaapt, lees ik het antwoord van haar schooljuf in de computer. Nee, ze kijken niet naar het Sinterklaasjournaal in de klas. Op school hebben ze kleurenpieten. Dat zou verwarrend zijn.

 

Opluchting.

 

Nu nog de BSO-juf schrijven.

 

Het is zaterdagochtend en HIJ komt morgen al in Amsterdam aan. Ik wil op alles voorbereid zijn.

 

Om tien uur gaan we naar de Spaanstalige school zoals elke zaterdag. Twee uur spelen in het Spaans voor kinderen van alle landen waar Spaans wordt gesproken. In de gang doet Lara haar jas uit. Ik zoek een hangertje. Uit de klas hoor ik een moeder enthousiast tegen alle kinderen zeggen:

 

‘Weet je wat? We zijn vorige week in Spanje geweest waar we vandaan komen. Daar zagen we het huis van Sinterklaas. HIJ komt morgen, weten jullie dat?’

 

De moeder boft een beetje omdat ze uit Spanje komt en niet uit een ander Spaanstalig land zoals de andere moeders.

 

Ik hoor een heel luid ‘Ja’ uit de klas komen. Lara zoekt nog steeds een zakdoek in haar jas buiten en heeft niets gehoord. Ze weet niet dat HIJ morgen komt en ik wil het liefst zo houden.

 

De moeder die in het huis van Sinterklaas is geweest in Spanje laat haar Spaanse dochtertje achter en vertrekt. We komen binnen. We gaan naast de juf zitten in een kring. Ik fluister in het oor van de juf dat we morgen niet naar de intocht gaan.

Of ze daarop niet te veel nadruk wil leggen.

Tenminste niet zoiets vragen als: wie gaat morgen naar de intocht?

 

HIJ komt morgen al in Amsterdam aan. Ik wil op alles voorbereid zijn.

 

Terwijl Lara op de Spaanstalige school is, fiets ik razendsnel naar de dichtstbijzijnde boekhandel.

 

Onderweg zie ik de clowneske zotte zwartgeschminkte nar op alle etalages al klaar staan. Aan beide zijden van elke weg. Om optimal voorbereid te zijn de komende weken, zou ik van die oogklepjes van de paarden willen hebben. Twee klepjes aan beide kanten, waardoor je alleen naar voren kan kijken als je fietst. Jammer dat die oogklepjes niet voor mensen bestaan.

 

 

In de boekwinkel koop ik het boek met de Sinterklaasliedjes van nu. Die krijgt Lara dus in haar schoen als HIJ morgen komt.

 

‘Hij zeg Piet, wiedewiedewit…’zingen Paul Passchier en Thedo Keizer in die cd.

 

Dan kan Lara die alvast volgende week meenemen naar de schooljuf, naar de pianojuf en naar de BSO-juf.

 

Want HIJ komt morgen al. Dus, ik wil op alles voorbereid zijn.

 

‘Wilt u het ingepakt hebben in cadeaupapier?,’ vraagt de verkoopster.

 

‘Als er maar geen Zwarte Piet op staat,’ zeg ik.

 

De mevrouw kijkt mij aan alsof ik een marsvrouwtje ben.

 

´Geef het saaie dan maar,´ zegt haar collega.

 

 

Terwijl het boek ingepakt wordt in het ´saaie´ papier, alleen met Sinterklaas en zijn paard erop, vraag ik me af of ze mijn eigen boek Lola´s Sint ook in zo´n ´saai´ papier zullen inpakken als iemand het in deze winkel koopt.

 

Of zullen ze mijn boek met de ongeschminkte Pieten toch inpakken in een cadeaupapier met de  clowneske zotte  zwartgeschminkte nar erop?!?!

 

HIJ komt morgen al in Amsterdam aan.

En je kunt helaas deze dagen niet op alles voorbereid zijn.*

 

 

—————————

 
 
 
Heb je dit ook deze dagen?  Ik ben benieuwd naar je reactie in de comments hieronder.
 

DOWNLOAD hier de gratis leesgids van het kinderboek Lola’s Sint voor ouders! Een zelfgemaakte oplossing om wat tegenwicht te bieden aan de beeldvorming deze Sinterklaas dagen!

 
MOCHT JE HET KINDERBOEK NOG NIET HEBBEN, kun je het via bol.com bestellen, in elke boekhandel van Nederland en Vlaanderen en ook uiteraard nog bij mij met mijn handtekening HIER.
 

DEEL DIT VERHAAL als je denkt dat het andere mensen kan inspireren of helpen!

HET HAAR VAN EEN POP

Posted on November 5th, 2014

We kwamen pas in de middag bij de Westergasfabriek. Het was Cinekid 2014. Ik kocht snel de kaartjes voor de film Wereldverhalen, de enige film voor 4 +. We haastten ons naar het Ketelhuis.  Ik wachtte op het filmpje van het rode potlood, maar ineens verscheen op het doek de animatiefilm gebaseerd op het boek van Astrid Lindgren: Emil & Ida van de Hazelhoeve. Met de haast had ik me vergist.

 

Twee blonde kinderen, met twee blonde ouders op een wit doek.

 

Ik hou van Astrid Lindgren. Toch voelde ik me ongemakkelijk toen ik zag dat ook weer in deze film alle personages blond en steil haar hadden.

 

Maar wat wilde ik dan? Het verhaal speelt zich af in Zweden, jaren geleden, en toen was iedereen daar blond en wit.

 

Ik keek naar Lara met haar hoofd vol zwarte krulletjes. Ze vond het spannend om in de grote zaal van de bioscoop te zitten. Er waren meer kinderen met een krulletjeshoofd zoals dat van Lara. Ook kinderen met veel vlechtjes.

 

Ineens verlangde ik heel sterk dat er op het doek een weerspiegeling van de samenstelling  van de bioscoopzaal zou verschijnen, maar dat kon nu eenmaal niet met een verhaal van Astrid Lindgren, zei ik tegen mijzelf om me te kalmeren.

 

Lara vroeg me waarom de vader van Emil hem steeds in de schuur stopte. Zij was bezig met het verhaal. Ik met de beeldvorming. Ben ik hierdoor misschien geobsedeerd geraakt de laatste tijd? Nee, thuis hebben we niet alleen zwarte en Aziatische poppen maar ook blonde poppen met steil haar, boeken met blonde personages en tassen met afbeeldingen van blonde meisjes.

Toch zit het me al een tijd heel erg dwars dat ik zoveel moeite moet doen om een boek te vinden waar personages zoals Lara in voorkomen, dat ik een tas met een meisje met natural hair via via moet gaan bestellen omdat dit in geen enkele winkel te koop is en dat ik een vriendin in New York de opdracht heb moeten geven om een barbie met natural hair voor ons te vinden om dan gisteren toch te horen te krijgen dat ik waarschijnlijk zelf het haar van een zwarte barbie zal moeten krullen.

Ja, ik wil graag dat Lara, ook al is ze zich nog niet bewust van ras, wel mensen zoals zichzelf in de verhalen en in de beelden rondom ons heen ziet.

 

´Mama, ik wil ook steil haar hebben,´ zegt Lara soms. Ik maak me geen zorgen, want ik weet dat dit normaal is. Als kind wou ik ook graag steil haar hebben en ik weet dat alle kinderen op een of ander moment iets willen zijn wat ze niet zijn. Ook weet ik uit eigen ervaring dat, maatschappelijk gezien, blond haar meer gewaardeerd is dan haar van een andere kleur. Dus, ik zal ook niet panikeren als ze straks zegt dat ze blond haar wil.

Toch wil ik dat ze poppen van alle kleuren aangeboden krijgt, net zoals ik wil dat ze vrienden van alle kleuren aangeboden krijgt.

Maar waarom weerspiegelen de beelden die in de boeken, op het doek, in Intertoys, in de klerenzaken  te koop zijn de gemengde samenstelling van onze maatschappij niet?  Ik vind wel dat ik hierover een beetje mag zeuren, want mijn scriptie uit 1999 ging over interculturele contacten in kinder- en jeugdboeken en als ik nu bedenk dat we 15 jaar later zijn en ik nog steeds maar weinig boeken zie die kinderen van verschillende etniciteiten portretteren die met elkaar op een natuurlijke manier in contact komen, mag ik, denk ik, wel weer wat zeggen.

 

Waarom is het nou zo moeilijk dat idee van het Benettonplaatje in het hoofd van sommige mensen te drukken als ze iets gaan produceren?

 

Ik koos dat onderwerp voor mijn scriptie omdat ik geloof dat hoe meer intercultureel contact er in de kinderliteratuur wordt gepresenteerd, hoe meer intercultureel contact er in de werkelijkheid zal plaatsvinden.

Klinkt dat naïef? Misschien. Maar er zijn andere dingen die je met literatuur kan veranderen of tenminste beïnvloeden, dus, waarom dit niet? En hoe meer intercultureel contact, hoe minder vooroordelen en hoe meer respect voor elkaar.

 

Een paar weken geleden zijn we naar het kinderboekenbalfeestje gegaan in het Bijlmeerparktheater. Het was een prinsen- en prinsessenfeestje georganiseerd door een psycholoog en twee kinderboekenschrijfsters die in hun boeken juist wel kinderen zoals mijn dochter portretteren. Ze werden als kind ook geconfronteerd met het feit dat ze zichzelf nergens konden terugvinden in de verhalen van hun kindertijd. Als het nu erg is, wil ik niet weten hoe het toen was. Ze weten goed wat het is om op te groeien in een kinderwereld waar je alleen beelden van personages met steil en blond haar aangeboden krijgt. En nu doen ze dit dus uit hun hart voor onze zonen en dochters!!!!

 

Op het doek verscheen een zwarte prinsesje.

Mylo Freeman begon met voorlezen:

 

Prinses Arabella heeft zin in Feest!

‘Mijn verjaardagsfeestje was zo leuk…’

Ze lacht en schudt haar krulletjeshoofd.

 

Toen Lara ´Krulletjeshoofd´ hoorde, keek ze naar mij en glimlachte.

 

Tijdens de pauze liepen in de gangen van het Bijlmerparktheater prachtige prinsen en prinsessen rond met allerlei soorten haar, dus ook natural hair zoals dat van Lara.

 

Terwijl we in het laatste onderdeel van het programma zaten, zag ze Glynis Terborg met een kroon op haar natural hair op het podium staan:  ‘Kijk, hetzelfde.’ Zei Lara. En ze wees naar haar eigen hoofd.

 

Ik knikte.*

————————————————————————————————-

 

 

Herken je dit? Ik ben benieuwd naar je reactie in de comments hieronder.
DEEL DIT VERHAAL als je het interessant vindt!

HEEL STERK

Posted on October 19th, 2014

Een paar dagen geleden had ik de eer om uitgenodigd te worden door Brenda Poppenk op een Re-evaluation counselling introductie over racisme. Ze kent mijn beweegredenen om het kinderboek Lola’s Sint te maken en vermoedde dat ik dat ook wel interessant zou vinden. ‘s Ochtends zouden we door de gids Jennifer Tosch worden begeleid op de Black Heritage Amsterdam Canal Boat Tour en ‘s middags zouden we een introductiesessie krijgen met Barbara Love.

 

Nou, ik ben in 1999 gids geweest van de canal boats voor Spaanse mensen. Toen vertelde ik aan de gasten over de Gouden Bocht, de grote herenhuizen en hoe de koppels elkaar konden zoenen onder de zeven bruggen, want dan zou hun wens in vervulling gaan. Het was immers de candle light tour die ik begeleidde, dus al de romantiek en de glamour van Amsterdam.

De nacht voordat we in de boot van de Black Heritage Tours zouden instappen, vroeg ik me af wat dat andere verhaal van Amsterdam zou zijn dat we te horen zouden krijgen.

Dat andere verhaal dat ik dus niet had verteld aan mijn gasten in de candle light canal boat tour in 1999. Dat andere verhaal dat ook af te lezen was van de façades en wapenschilden van de Gouden Bocht en dat ik zelf toen niet had ingezien. Dat andere verhaal waarover ik me voor het eerst vragen had gesteld in september 2008 toen ik me in de donkere vochtige ruimtes van het Fort Elimina aan de Ghanese kust bevond.

Daar, lopend tussen de vervallen muren van een Fort dat al zijn glorie had verloren, was mijn oog gevallen op de Bijbelse psalm 132 die in het Nederlands op een muur geschreven stond, terwijl ik met een groep bezoekers richting een van de kerkers liep.

Ze hadden bloemenkransen bij zich. Die zouden ze gaan neerleggen in de vertrekken waar hun voorouders als slaven werden gehouden. Onze gids stond naast een piepklein raam. Hij vertelde hoe in 1642 heel Portugees Afrika in het bezit van de West Indie Compagnie was. Dat er jaarlijks vanuit deze cel ongeveer 2000 slaven werden overgebracht naar de West-Indische eilanden van Zuid-Amerika. Hoe de slaven van het Ashanti koninkrijk werden gekocht en in de trans-Atlantische slavenhandel werden gezet. Hij noemde de familie Coymans en vertelde over de Gouden Eeuw van Amsterdam. Een van de aanwezigen vroeg of we in een kring konden gaan staan hand in hand. Dan praatte hij over zijn voorouders, wat hij daarbij voelde. De enige witte vrouw in de groep behalve ikzelf begon te huilen.

 

Tijdens de tour vorige week wees Jennifer Tosch het huis van de familie Coymans in de Keizersgracht aan, precies diezelfde familie over wie de gids in Elimina had verteld. Nu kende ik de twee zijden van het verhaal. Als ik dat in 1999 had geweten, had ik dat ook aan mijn Spaanse gasten kunnen vertellen. Maar die andere kant van het verhaal staat niet in de boeken die we krijgen, het staat in de boeken die we niet krijgen.

Op school had ik zelf ook alleen maar één kant van het verhaal van Cristobal Colón gehoord. En ook nog met trots gelezen over hoeveel Basken er bij de episode van de “verovering van Amerika” waren betrokken.

Een van de deelnemers vroeg aan Jennifer wanneer die theorie over de rasseninferioriteit was begonnen. Die zelfverzonnen theorie om de trans-Atlantische slavenhandel mogelijk te maken. In de tijden van Christus bestonden immers de drie koningen van de Epifanie, één van hen was zwart, gelijkwaardig als de andere twee die wit waren. Wanneer was dat gedoe begonnen dat het ene ras superieur was aan het andere? vroeg de vrouw.

 

Jennifer ging terug naar 1492. Naar de tijd wanneer de Spaanse filosoof Sepúlveda verdedigde dat de overheersing door de Spanjaarden van de inheemse bevolking in Zuid- Amerika gerechtvaardigd was vanwege hun “zonden”. Daar begon het allemaal. Onderwerping was volgens hem nodig om de inlanders tot het christendom te bekeren. Maar de inboorlingen werden te zwak gevonden door de Spanjaarden om te werken.

In tegenstelling tot de Afrikaanse mensen die, volgens de Europeanen, óók geen ziel hadden, maar wel sterk waren om in de plantages te werken. Heel sterk zelfs.

Er werden allemaal wetenschappelijke onderzoeken gedaan om te bewijzen dat de Afrikaanse mensen geen ziel, geen bloed en geen verstand zouden hebben. Zonder succes. ‘Afrikaanse mensen zijn heel sterk’. Dat wel.

 

De ochtend na de tour kijkt mijn dochtertje in de spiegel en zegt zoals ze vaak tegen de spiegel zegt ´ik ben heel sterk´, dan kijk ik naar haar Afrikaanse lichaam, heel gespierd, krachtig en ik zie dat ze inderdaad heel sterk is, sterker dan sommigen van haar Nederlandse witte vriendinnetjes en gelijk aan sommigen van haar Nederlandse zwarte vriendinnetjes.

 

´Ja, je bent heel sterk,’ zeg ik.

 

‘En ook heel erg intelligent, heel erg creatief, heel erg mooi en heel erg machtig!’*

 

 

—————————————————-

 

Kende je zelf dat andere verhaal van Amsterdam? Ik ben benieuwd naar je reactie in de comments hieronder.

 

DOWNLOAD hier de gratis leesgids van het kinderboek Lola’s Sint voor ouders! Een zelfgemaakte oplossing om wat tegenwicht te bieden aan de beeldvorming het komende Sinterklaas seizoen!

 

MOCHT JE HET KINDERBOEK NOG NIET HEBBEN, kun je het via bol.com bestellen, in elke boekhandel van Nederland en Vlaanderen en ook uiteraard nog bij mij met mijn handtekening HIER.

 

DEEL DIT VERHAAL als je het interessant vindt!

Een beeld duizend keer in beeld

Posted on October 2nd, 2014

‘Deze man ligt al dagen op straat dood te gaan,´ zei een stem in het Spaans vanuit de televisie, ‘niemand die zich om hem bekommert, niemand die iets voor hem doet.’

Van de zomer was ik bij mijn ouders. In het midden van hun woonkamer staat een televisie. Na het eten en voor de siësta stond die elke dag aan voor het nieuws van 3 uur. Zoals elke dag deze zomer probeerde ik die middag de aandacht van mijn dochtertje af te leiden.

Ik heb toen zelf niet zitten kijken. Maar ik heb de man toch wel gezien.

Als er in ons land ebola zou zijn, dacht ik, zouden ze dan ook iemand zo op straat laten zien? Beroofd van al zijn waardigheid? Zonder eerst zijn toestemming te hebben gevraagd?

‘Mama, wat heeft-ie?,’ vroeg mijn dochtertje.

Ze had het wel gezien. Dat, en de reclamespots die vaak na het nieuws volgen van magere kindjes, vrouwen en mannen met versleten kleren, samengesteld door de een of andere Spaanse NGO die wel al honderd jaar geld vraagt voor Afrika, maar misschien toch niet te dicht bij een zieke man met ebola wil komen. Waarom laat de media niet bijvoorbeeld af en toe ook beelden zien van de studenten van de Universiteit van Accra? Of van de bezoekers van het Nationale Museum in Bamako? Of van de toeschouwers van een contemporaine dansperformance in de Theaterzalen van Maputo? Die mensen bestaan ook. Ik heb ze gezien!

Het is in ieder geval de Spaanse media aardig gelukt een eenzijdig verhaal over Afrika te vertellen met het voortdurende herhaling van die beelden, want een paar dagen eerder had ik al een kindje horen zeggen tegen het enige zwart meisje in de speeltuin van de stad waar we de zomer doorbrachten:

‘mijn vader heeft gezegd dat ik lief tegen jou moet zijn, want je bent heel arm.’

De laatste zondag voordat we terug naar Amsterdam vertrokken, waar we zelf geen televisie hebben, waren we op bezoek bij een vriendin uit mijn jeugd die nu kinderen van 7 en 8 jaar heeft. Op een gegeven moment tijdens het spelen, vroeg de jongen van 7 aan mijn dochter waarom ze bruin was. ‘Omdat mijn vader uit Afrika komt,’ zei ze heel trots.

‘Dan heb je zelf vast ook niets te eten,’ zei de jongen, en hij wees naar mijn dochter haar buik, ‘heb je honger?’

Ik keek naar de moeder en ze haalde haar schouders op.

Maar op haar tafel lag wel de zondagse bijlage van de krant ‘El Correo’ met de hoofdtitel ´De Kwalen van Afrika´ met de oh! zo bekende beelden van kinderen met honger en een kaart van Afrika waarop in verschillende kleuren de ellende stond aangegeven die in elk gebied overheerst, en niet de schatten die in elk land verborgen liggen.

Terwijl ik vorige week de leesgids van Lola’s Sint aan het schrijven was, realiseerde ik me dat kinderboeken met een zwart of dubbelbloed hoofdpersonage niet alleen belangrijk zijn voor zwarte of dubbelbloed kindjes, zodat ze zichzelf daarin kunnen herkennen zoals ik aan het uit te leggen was in de tekst, maar ook voor witte ouders en hun kinderen, zodat ze zelf kunnen zien en geloven dat hun zwarte en dubbelbloed vriendjes, net zoals zij, prinsessen, prinsen en zelfs koninginnen kunnen zijn! *

 

 

—————————————————-

 

Is het in Nederland heel anders? Wat voor beelden toont de media hier? Hoe bent je daardoor beïnvloedt? Ik ben benieuwd naar je verhaal in de comments hieronder.

 

DOWNLOAD hier de gratis leesgids van het kinderboek Lola’s Sint voor ouders! Een zelfgemaakte oplossing om wat tegenwicht te bieden aan de beeldvorming het komende Sinterklaas seizoen!

 

MOCHT JE HET KINDERBOEK NOG NIET HEBBEN, kun je het via bol.com bestellen, in elke boekhandel van Nederland en Vlaanderen en ook uiteraard nog bij mij met mijn handtekening HIER.

 

DEEL DIT VERHAAL als je het interessant vindt!

Wat nou invloed?

Posted on September 14th, 2014

Een paar dagen geleden zat ik met mijn dochter onder een lekkere zon bij het pierenbadje van het park alsof het nog echt zomer was. En toch was ik al met een vriendin aan het praten over mijn echte winterse vertelling Lola´s Sint.

 

Terwijl onze dochters in het water spetterden, waren we zelf verzeild geraakt in een gesprek over het effect dat een piepklein kinderboek kan hebben op de beeldvorming van een kind, en ook nog voor zijn/haar hele leven.

 

Uit de kast van mijn eigen vroege herinneringen had ik die kinderboeken gehaald die we toen bij ons hadden, waarin alle vrouwelijke hoofdpersonages, prinsesjes of niet, lange blond steil haar hadden en grote blauwe ogen.

Ik vertelde mijn vriendin over hoe graag ik altijd als kind had gewild dat mijn donkerbruine haar blond werd van de zomerse zon, wat bij mij nooit gebeurde, en hoe ik mijn krullen steeds maar plat probeerde te kammen. Ik had tenminste wel blauwe ogen, zei ik altijd tegen mezelf.

 

Pas halverwege de dertig was ik begonnen mijn mooie donkere krullen te waarderen. Maar kort daarna werd ik zwanger, en na de bevalling en de lange jaren borstvoeding kreeg ik saai steil haar die ik nu heel graag zou willen ruilen voor de krullen die ik als volwassene zo mooi had leren vinden.

 

Mijn vriendin haalde ook haar eigen herinneringen uit de kast en vertelde over haar lange jaren van anorexia, gevolgd door boulimie-aanvallen.

Ze kon ze zich niet zo goed herinneren van de beelden uit de eerste kinderboeken die ze las, maar wel van de tijdschriften die ze in haar puberjaren had doorgebladerd waarin alle vrouwen er echt slank uitzagen.

 

Tijdens dit onderonsje waren we ons niet bewust van het feit dat de banken bij het pierenbadje best lang zijn en dat naast ons een man blijkbaar geïnteresseerd mee had zitten luisteren naar ons verhaal over de invloed van de beelden van kinderboeken op onze kleintjes.

 

Wat nou invloed?, riep hij op een gegeven moment.

 

Hij liet me met best harde stem weten dat hij ook mijn verklaring over de beeldvorming rond Sinterklaas had gehoord en ook de reden waarom ik het kinderboek Lola´s Sint had gemaakt.

Of ik zelf statistieken had over die invloed van kinderboeken die mijn stelling konden bevestigen?, vroeg hij mij uitdagend.

 

Nee meneer, ik heb geen statistieken, zei ik. En toen sprak ik het enige zinnetje uit van Peter Hunt dat ik me nog van mijn scriptie uit 1997 kon herinneren die ging over de representatie van het interculturele contact in de jeugdliteratuur, namelijk: “Every story is potentially influential for all its readers, and sometimes in ways that its author did not anticipate or intend.”

 

Dat kwam blijkbaar niet zo krachtig over als een statistiek. De man wilde meer  ´bewijs´. Hard bewijs.

 

Toen kwam zijn dochtertje met natte haren even bij hem vragen of ze nu naar het klimrek mocht. Ja, dat mocht van papa.

 

Ik vroeg hem of hij zijn dochtertje wel eens boeken voorlas. Natuurlijk deed hij dat, zei hij, wat dacht ik nou!

 

Toen vroeg ik hem of hij zijn dochtertje ooit een boek zou willen voorlezen waarin beelden voorkwamen van een papa die een mama sloeg, of een papa die een mama vernederend behandelde. Of juist omgekeerd.

 

Of ik gek was of zo, zei de meneer. Kinderboeken met zulke beelden bestonden immers niet meer.

 

Precies, zei ik, kinderboeken met zulke beelden bestaan er gelukkig niet meer.

 

De man stond op en ging richting het klimrek met een handdoek voor zijn dochter.*

 

———————————————-

 

 

 

 

 

Kun je je ook wat beelden van vroeger  herinneren die jou hebben beïnvloedt? Ik ben benieuwd naar je verhaal in de comments hieronder.

 

DOWNLOAD hier de gratis leesgids van het kinderboek Lola’s Sint voor ouders! Een zelfgemaakte oplossing om wat tegenwicht te bieden aan de beeldvorming het komende Sinterklaas seizoen!

 

MOCHT JE HET KINDERBOEK NOG NIET HEBBEN, kun je het via bol.com bestellen, in elke boekhandel van Nederland en Vlaanderen en ook uiteraard nog bij mij met mijn handtekening HIER.

 

DEEL DIT VERHAAL als je het interessant, leuk of inspirerend vindt!